Uitgebreide gegevens over Reint Albartus (R.A.) Dijkema (M)

ID 4660   Schuilnaam Remco, Frans Klasens, Okke Jacob Wiersma, ,
Achternaam Dijkema Adres Oppenheimstraat 68a
Voornaam Reint Albartus Plaats Groningen
Initialen R.A. Beroep Student
Voorvoegsel Sterfdatum/leeftijd 22-8-1944 ()
Getrouwd met Categorie Verzet
Geslacht M Titel
Geboortedatum 20-5-1920 Krijgsmacht
Onderdeel Onderscheidingen
Legernummer Rang
Begraafplaats Vak, Rij, Graf , ,

Achtergrond:

Geboren te Smilde.
Ongehuwd.
Geloof: gereformeerd.
Hij pleegde overvallen, liquideerde collaborateurs en coordineerde de Knokploeg-en in Groningen. In juni 1944 wordt hij door een oud-klasgenoot op straat herkend en aangegeven. Na verhoor en zware mishandelingen wordt hij naar kamp Vught overgebracht. Daar wordt hij op 22-8-1944 gefusilleerd.
Reint Dijkema kwam uit een gereformeerd Groninger gezin. Zijn vader werkte als arts. Reint had 4 broers en 2 zusters. In zijn jeugd woonde hij in Slochteren. Na de lagere school volgde hij de Christelijke HBS in Groningen. Na zijn eindexamen studeerde hij medicijnen in Groningen. In 1940 verhuisden zijn ouders naar Groningen en ging hij weer thuis wonen.
In mei 1940 was Reint als vrijwillige hospitaalsoldaat actief in Den Helder. De Duitse inval en de jodenvervolging raakten Reint diep. In mei 1942 werd het joden verplicht een gele ster te dragen. Uit protest besloten Reint en zijn broer ook een ster te dragen. De sterren werden gemaakt uit gele gordijnstof en het stempel voor de opdruk werd gesneden uit een oude vliegtuigband. Hiermee vertoonden zij zich in Groningen. Op 4-5-1942 werden ze gearresteerd. Er volgde een opsluiting van zes weken in Kamp Amersfoort.
Na zijn vrijlating raakte Reint steeds dieper bij de illegaliteit betrokken. Hij was actief in het Studentenverzet, bij het illegale blad De Geus, bij Trouw en de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO). Het zwaartepunt kwam te liggen bij het werk in de Knokploegen (KP). De groeiende stroom onderduikers vroeg om distri-butiebonnen en andere documenten. Knokploegen probeerden deze documenten te bemachtigen door overvallen te plegen. Na de april-mei stakingen van 1943 nam het aantal onderduikers nog eens sterk toe. Reint ging vrijwel volledig op in het KP-werk. Hij gebruikte als verzetsnaam 'Remco'.
'Reint was niet een man van veel woorden, maar wat hij zei was weloverwogen. Hij kon soms echter ook zeer uitbundig zijn, bijvoor-beeld na een goed geslaagde overval of bij een ander bericht waaruit bleek dat de vijand klappen had gekregen. Ik herinner mij nog zeer goed de dag, waarop het bericht kwam dat Italie zich had overgege-ven. Hij was juist bij ons en toen de radio het gerucht bevestigde, sprong hij als een jongen om de tafel, terwijl zijn ogen straalden van plezier.'
Om bundeling van het verzet in de provincie Groningen te bevorderen, zeker na enkele arrestaties van belangrijke figuren, werd Reint benaderd de coordinatie van de Knokploegen in Groningen voor zijn rekening te nemen. Na veel tegenwerpingen nam hij de taak op zich. Deze was niet eenvoudig, aangezien leden van KP-groepen in Groningen actief waren op allerlei terreinen. Reint eiste dat ieder zich op een terrein moest richten. Coordinatie en leiderschap bleven echter een zeer zware en soms onmogelijke taak.
Op 17-5-1944 vond een gecombineerde actie plaats van de KP Remco en de KP Wim. Samen pleegden zij een overval op Drukkerij Hoitsema in Groningen, een filiaal van Johan Enschede en Zn, waar distribu-tiekaarten werden gedrukt. Hier werden ongeveer 130.000 distribu-tiebonkaarten buitgemaakt.
Reint stond hoog op de lijst van gezochte verzetsmensen in Gronin-gen. Zeker ook gezien zijn betrokkenheid bij de liquidatie van het hoofd van de Bijzondere Recherche A.J.Elzinga. Elzinga was zeer actief in de zoektocht naar onderduikers en hun helpers en vormde een groot gevaar voor de veiligheid van vele onderduikers en verzetsmensen. Op oudejaarsdag 1943 werd Elzinga door Reint Dijkema in Groningen neergeschoten. Als represaille werden zes Groningers door de SD gedood, een zevende kreeg bij zijn aanhouding een hart-aanval. Zesendertig gijzelaars werden naar Kamp Vught overgebracht. Voor Reint was de liquidatie een zeer moeilijk besluit geweest: "Hij vertelde mij dat hij het door die gepleegde daad soms erg zwaar had, omdat hij meende dat hij door die handeling een mens verhinderd had zich te bekeren en de tijd der genade voor hem zou hebben bekort. Hij heeft zich dit zelfs zo erg aangetrokken dat hij niet in staat was zich aan het verzetswerk te geven gedurende een periode van twee maanden."
In mei 1944 begon een golf van arrestaties in Groningen. Op 22-5-1944 viel de SD het huis van verzetsman Henk Veldhuis in Slochteren binnen. Hier troffen zij Veldhuis en de verzetsmensen Klaas Woltjer en de gebroeders Westland. Veldhuis en Woltjer zouden uiteindelijk in Vught geexecuteerd worden. De gebroeders Westland werden enige tijd in Vught gevangen gehouden en van daaruit naar hun executieplaats in de duinen bij Overveen gebracht.
Ten tijde van de arrestaties verbleef Reint Dijkema bij zijn verloofde Ina in Siddeburen. Na een telefoontje haastte hij zich terug naar Groningen om te redden wat er te redden was. Terwijl hij over straat fietste in Groningen werd Reint op 4-6-1944 herkend door een oud-klasgenoot die als politie-inspecteur voor de bezetter werkte. Hij werd gearresteerd en naar het beruchte Scholtenshuis in Groningen gebracht. Bij zijn arrestatie probeerde hij te vluchten en werd in zijn arm geschoten. Onder zware mishandelingen werd hij verhoord door de S.D.
Hoewel hij aan handen en voeten geketend was, wist hij in het Scholtenshuis het geweer van een van zijn bewakers te bemachtigen en de bewaker neer te schieten. Waarschijnlijk hoopte hij direct zelf gedood te worden en daarmee verdere verhoren te voorkomen. Hij werd echter zwaar mishandeld.
Bij zijn verhoren nam Reint vrijwel alle schuld op zich. Zijn geloof was een grote steun voor hem. In gevangenschap bad hij vaak om kracht voor zichzelf en zijn familie. Een dominee die tegelijk met hem gevangen zat vertelde later aan de familie dat Reint vasthield aan de woorden van de apostel Paulus: 'Want ik ben verzekerd, dat dood noch leven mij zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Jezus Christus, onze Heer.'
Nog niet hersteld van zijn verwondingen werd hij overgebracht naar kamp Vught en daar op 22-8-1944 vermoord. Reint Dijkema werd 24 jaar. Hoewel zij het ergste vreesden, bleef zijn familie lange tijd in onzekerheid. Eind 1945 kwam de zekerheid dat Reint in Vught was geexecuteerd.

Aanvullingen:

Bronnen:

Het Grote Gebod
Hun naam leeft voort









Heeft u aanvullingen of wijzigen voor deze persoon?
Mail dan naar database@documentatiegroep40-45.nl